AMFI Fashion Design Graduation Show Januari 2026

Amsterdam Fashion Institute

Mode | Onderwijs | Ambacht

Verslag van Branko Popovic

Op 22 januari presenteerde het Amsterdam Fashion Institute (AMFI) haar afstudeershow voor januari 2026 in Studio Wieman, waar ongeveer 30 afstuderende studenten hun werk toonden. Het tweejaarlijkse evenement toonde een generatie die worstelt met hedendaagse angsten en tegelijkertijd teruggrijpt op ambacht, erfgoed en persoonlijke geschiedenis als ankers in een onzekere wereld.

Between Resistance and Reconnection
De vijftien geselecteerde collecties laten zien hoe ontwerpers tegelijkertijd met meerdere crises omgaan. Ontmenselijking en digitale identiteit komen naar voren als urgente kwesties – ontwerpers vragen zich af hoe online perfectie en kunstmatige optimalisatie authenticiteit ondermijnen. Controlesystemen – militair, zakelijk, maatschappelijk – worden ontleed en ondermijnd, hun functionaliteit wordt als kritiek omgebogen tot disfunctionaliteit.

Lichaamspolitiek en reclaming lopen als een rode draad door het werk, met name rond vrouwelijke lichamen die weigeren zich te conformeren: behaard, onbeschaamd, zich bevrijdend van historische kledingstukken die zijn ontworpen om te controleren. Verschillende collecties putten uit subculturele rebellie – punk, clubkids, ballroomcultuur – en vieren gemeenschappen die mode gebruikten als overleving en verzet.

Noa Schraven
Anna Goelema de Coo
Jameyne Tol

Tegelijkertijd is er een duidelijke verschuiving naar erfgoed, rituelen en verbondenheid. Ontwerpers putten uit traditionele kledingstukken – Surinaamse koto, Limburgse klederdracht, visserstruien, nomadische kleding – als levende bronnen van identiteit en verbondenheid. Duurzaamheid en vakmanschap lijken fundamentele waarden te zijn, of het nu gaat om deadstock denim, democratisch maken of het omzetten van afval in couture.

Meerdere collecties geven uiting aan het verlangen om te ontsnappen aan de digitale gevangenschap van het moderne volwassen leven en om verbeelding, spel en authentieke zelfexpressie terug te winnen. Dit zijn ontwerpers die weigeren zichzelf te optimaliseren tot ze in de vergetelheid raken, en in plaats daarvan kiezen voor chaos, emotie en rommelige menselijkheid.

Julian Marcus Roman’s ‘Dysfunctional Function’ transformeert militaire kleding in uitingen van machteloosheid, waarbij opzettelijk functionaliteit wordt weggenomen om controlesystemen te bekritiseren. Floor Stuive’s ‘DISCONNECT’ onderzoekt digitale ontmenselijking en vraagt zich af of het aanpassen aan schoonheidsnormen door middel van filters en plastische chirurgie ons beschermt of de menselijkheid verder uitholt. Milou Schreude‘s ‘Stop Making Sense’ viert chaos door middel van punk-geïnspireerd handwerk, terwijl Noa Schraven’s ‘COMMAND / OPTION / ESCAPE!!!’ de rigide taal van de werkcultuur ombuigt tot speelse rebellie en benadrukt dat verbeeldingskracht beschermd moet worden. Het kind dat ooit verdwaalde in Neverland weigert gevangen te blijven achter een laptop.

Het lichaam wordt een plaats van rebellie. Anna Strengers‘ ‘Deconstructing the Appropriate’ herwint woorden die worden gebruikt om harige vrouwelijke lichamen te beschamen – vies, dierlijk, heks – terwijl wezens zich bevrijden van historische kledingstukken. Jameyne Tol’s ‘She Said: MI DJASO’ (‘Ik ben hier’) herinterpreteert de Surinaamse koto, waarvan het volume ooit zowel onderdrukking als trots betekende, en evolueert van een korsetachtige beperking naar gedurfde silhouetten waarin een rode lijn intenser wordt naarmate de stemmen luider worden – geworteld in generaties van bevrijding.

Susanna Abelyan’s ‘PLEASURE SYNDROME’ is een eerbetoon aan de ballroom- en clubkidcultuur van de jaren 70, met name aan creatieven die zijn omgekomen door hiv/aids. Met behulp van materialen van performers – pruiken, heupvullingen, kostuumresten – volgt de collectie een levenscyclus van doe-het-zelf-begin via verval naar veerkrachtige heropleving, waarbij schaamte wordt omgezet in kracht.

Naast rebellie is er ook herverbinding. Thirza de Bruin’s ‘Nail Pants’ creëert denim voor vrouwelijke denimliefhebbers in een cultuur die voornamelijk voor mannen is opgebouwd. Emma Magermans‘ ‘Raveille’ herinterpreteert het eeuwenoude Bronk-ritueel uit Limburg in moderne silhouetten, terwijl Milou Mensink ‘Nautical Sails’ Nederlandse visserstruien opnieuw uitvindt door een vrouwelijke lens. Boris Boyer ‘&TT’ spreekt tot outcasts die op zoek zijn naar authenticiteit, door nomadische kleding te combineren met techwear, waarbij kleding zowel een schild als een identiteit wordt.

Thirza de Bruin
Boris Boyer

Milieubewustzijn lijkt een fundamentele waarde te zijn:  Jesse Willem Groenenboom transformeert in ‘Monsieur et Madame Plastique’ afval uit de haven tot couture-geïnspireerde silhouetten, terwijl Giovanna Slompo in ‘Put it in Your Buttonhole’ gebruikmaakt van lasergesneden puzzelstukjes die weinig vaardigheid vereisen, waardoor het ontwerpen van mode voor iedereen toegankelijk wordt. Anna Goelema de Coo’s ‘Entre Mundos’ vertelt een persoonlijk verhaal over adoptie van Colombia naar Nederland, waarbij ze leert dat thuis meer is dan waar je vandaan komt.

Jesse Willem Groenenboom

Samen weigeren deze ontwerpers valse keuzes tussen rebellie en verbondenheid, kritiek en zorgzaamheid. Ze creëren mode die tegelijkertijd weerbarstig en teder is – kleding als taal om identiteit te bevestigen en aan te dringen op authentieke menselijke verbondenheid in een steeds meer ontmenselijkende wereld.

Fotografie: Branko Popovic

Meer Mode

Mode | Ambacht

Diederik & Marieke: the Minds Behind DIED

DIED

26.02.2026
Mode | Ambacht

Van energiemateriaal naar carnavalsoutfit

FASHIONCLASH

16.02.2026
Bekijk alle 385 stories van Mode